Medewerkers
Zoals elders op deze site ook al is vermeld, wonen en werken de medewerkers van deze uitgeverij op
de meest verschillende plaatsen in Europa. Voor het Nederlandse deel van de uitgeverij natuurlijk
voornamelijk in Nederland - maar niet uitsluitend.
Een aantal medewerkers wil zich graag aan u voorstellen
Jan van Lookeren Campagne (1933) In Breda geboren en heeft na het gymnasium in
Groningen Nederlands recht in Leiden en notarieel recht in Utrecht gestudeerd. Daarna heeft hij in de
notariele praktijk gewerkt, hoofdzakelijk in Arnhem, waar hij nog steeds woont. Al vanaf zijn
schooltijd is hij een liefhebber van lezen geweest en heeft dus in zijn leven ontelbare boeken
verslonden. Daardoor heeft hij een scherp oog en gevoel ontwikkeld voor kwaliteit, daarbij geholpen
door zijn jarenlange bemoeienis met het opstellen van notariele akten en andere stukken. Kortom: hij
heeft veel ervaring met redactie en correctie van teksten en het kritisch beoordelen daarvan.
Paul de Jongh (1950) is Hagenaar en schrijver van (milieu)beleidsstukken, waarvan het eerste
milieuplan een oplage haalde van 60.000 exemplaren en werd vertaald in het Engels, Duits, Frans en
Chinees. Werd door medewerkers de vriendelijke slavendrijver genoemd omdat hij vond dat elke zin
zin moest hebben. Schreef "Our Common Journey" (1999, Z-books, Londen) en publiceerde enige
gedichten in "Mens en gevoelens". Heeft een haat-liefdeverhouding met taal: woorden zijn te plomp,
te ruw, te vierkant voor wat hij zou willen uitdrukken. Heeft met Couperus gemeen dat hem ook de
schoonheid van mannen en hun doen (behalve voetbal) kan beroeren, naast de schittering van
zonlicht op de Middellandse zee. Kan niet slapen als hij niet eerst heeft gelezen.
Adèle Speekenbrink (1946) is Neerlandica, theaterwetenschapper, dramadocent en
theatermaker.
Publiceerde onder andere in de kunsttijdschriften Theatermaker en Kunstzone. Daarnast is ze acteur,
redacteur landelijke kunstexamens CKV en Drama en eindredacteur van het schrijverscollectief
Bredase Revue.
Schrijft, vertaalt, bewerkt, regisseert al 40 jaar (muziek)theaterstukken, (waaronder Oliver, Annie,
Cats, Phantom, Ionesco, Pinter).
Jankees Verhoeff (1969) Een lezer gezegend met een sterk gevoel voor taal & kunsten, zonder
academische lasten en schoolse vooroordelen. Al vanaf jonge leeftijd worden woorden omgezet in
beelden en beelden omgezet in woorden, daardoor heeft hij al vroeg een passie voor letters, woorden,
taal en de beelden en plaatsen die ze oproepen, ontwikkeld. Lezer, bereisd man, fotograaf en artiest die
leeft in zijn zelfgeschreven boek dat in elk hoofdstuk weer de nodige verrassende plotwendingen heeft.
Wil gaarne, tussen de hoofdstukken door, helpen deze wereld te voorzien van meer mooie woorden en
zal met liefde, aandacht en een kritische blik de aan hem toevertrouwde stukken bestuderen en van
positieve kanttekeningen voorzien.
Nico Veen (1965). Ik ben een vuurteken, nu al meer dan veertig jaar op deze vreemde planeet waar
letters samen woorden kunnen vormen en woorden samen verhalen of gedichten. Ik vind dat mooi en
wil daar graag aan meewerken!
Luc Paris (1950). Dès mon enfance, un de mes grands passe-temps était la lecture. Je pouvais y
passer des heures avec grand plaisir. D'ailleurs, après des études, pourtant scientifiques, je suis rentré en
faculté de Lettres pour passer mes diplomes et les concours qui m'ont permis d'enseigner la littérature.
Ce que je fais toujours actuellement. Je lis beaucoup, aussi bien des écrivains classiques que
contemporains, ainsi que des auteurs étrangers. Je suis particulièrement sensible à l'écriture. J'ai souvent
corrigé des mémoires, thèses ou romans d'amis, et pour moi c'était un réel plaisir.
Donc je ne demande qu'à poursuivre dans cette voie en tant que lecteur.
Voor Frankrijk / Pour la France
Voor Duitsland / Für Deutschland
Ralf Burkardt (1966). Seit seiner frühen Kindheit haben Sprachen für ihn immer eine große Rolle
gespielt. Er arbeitet seit über 20 Jahren in einem internationalen Unternehmen, so dass er beim
schnellen Wechseln von einer zur anderen Sprache seinem "Sprachspieltrieb" freien Lauf lassen kann.
Der korrekte Gebrauch des geschriebenen Wortes ist ihm ein Anliegen, wobei aber nicht ausschließlich
Duden der Maßstab sein soll, sondern auch der persönliche Stil des Schreibenden.